Menu Sluiten

Rijst is zoals tarwe, rogge, haver, quinoa of mais een graangewas. Oorspronkelijk afkomstig uit Zuidoost-Azië is het het oudste (het eerste gebruik dateert van ongeveer 5000 jaar geleden) en meest geteelde graangewas ter wereld. Het vormt de basisvoeding voor ongeveer 35% van de wereldbevolking.

Rijst bevat van alle graangewassen de meest kwalitatieve voedingseigenschappen. Ze bevatten de meest essentiële aminozuren zoals lysine, tryptofaan en methionine. Ook bevatten ze de vitamines uit de B groep evenals de vitamines K en E en essentiële mineralen zoals Kalium, Calcium en Fosfor. De rijstproteïnen hebben de beste kwaliteit vergeleken met alle andere graangewassen. Rijst bevat de 18 aminozuren waarvan het menselijk metabolisme afhankelijk is.

De rijstteelt is de afgelopen 15 jaar wereldwijd sterk toegenomen; van 128 miljoen hectare naar ongeveer 158 miljoen hectare. De productiviteit is tijdens die periode ook sterk toegenomen. Door verbeterde agrarische technieken steeg de opbrengst per hectare gemiddeld 46%.

Ondanks de sterk gestegen wereldproductie is dit nog onvoldoende in de strijd tegen de honger en ondervoeding met dramatische voorbeelden in Afrika en Azië. Ook door de alsmaar stijgende wereldbevolking zal naar verwachting de rijstproductie de komende 10 jaar nog sterk toenemen. Zowel het aantal hectaren als de productiviteit zullen jaarlijks blijven toenemen. Economen verwachten dat tegen 2025 de rijstteelt naar 190 miljoen hectaren zal stijgen en de productiviteitsgraad (opbrengst per hectare) met minimaal 35% zal toenemen. Het aantal mislukte oogsten door ziekten, schimmels en insecten is de afgelopen jaren sterk afgenomen, dit door gebruik te maken van genetisch gemanipuleerd zaaigoed. Dit wordt ook op grote schaal met succes toegepast op andere graangewassen. Dit zal de voor de komende jaren ongetwijfeld wat betreft de productiviteit nog een extra stimulans betekenen.

Afhankelijk van de rijstsoort en productietechniek bestaat ongeveer 20-25% van de totale rijstproductie uit rijstkaf. Rijstkaf is het bijproduct dat na verwerking in de pelmolens vrijkomt van de rijstkorrel en bestaat hoofdzakelijk uit het schilletje van de rijstkorrel. Het is in erg grote hoeveelheden beschikbaar. Brazilië bijvoorbeeld produceert jaarlijks zo’n 2,4 miljoen ton rijstkaf. Suriname, op wereldniveau een erg kleine rijstproducent produceert jaarlijks 75.000 ton rijstkaf.

Rijstkaf is een vezelrijke bron; het bestaat uit 90,3% droge stof, 0,8% opgeloste suikers, 1,7% eiwitten, 45,9% celstof, 0,3% vetten waaronder omega 3 en omega 6. Het heeft een hoog silica gehalte dat maakt dat het een hoog resistentiegehalte heeft tegen vochtpenitratie, het composteringsproces verloopt dan ook erg langzaam waardoor het niet interessant is om het rechtstreeks als bodemverbeteraar te gebruiken.

Het hoge silica gehalte en het lage vetgehalte is de hoofdoorzaak dat het niet rechtstreeks aan te wenden is als dierenvoeding. Door de bijzonder harde schil en zijn abrassieve eigenschappen is het rijstkaf bijzonder moeilijk fijn te malen, voorwaarde voor de productie van een economisch bruikbare grondstof.

Door het ontbreken van de benodigde infrastructuur en technologie is het voor de rijstverwerker niet interessant om het kaf te verwerken en wordt het massaal gedumpt en illegaal verbrand wat voor de rijstproducerende landen gezien deze massale hoeveelheden een gigantisch milieuprobleem meebrengt.